In mei 1945 werd de Roemeense schrijver van Joodse komaf Mihail Sebastian (geboren als Iosif Hechter) overreden door een Russische truck. Bij leven genoot hij al bekendheid binnen de Roemeense literatuur en na zijn dood zijn zijn teksten vele malen herdrukt. Sebastian liet ook een dagboek na, bijgehouden in de periode 1935-1944. Pas in 1996, nadat alle betrokkenen waren overleden, werd het dagboek volledig voor druk vrijgegeven. Inmiddels is het in vele talen verschenen en nu ook in het Nederlands vertaald.
In zijn dagboek lijkt Sebastian in eerste instantie een vrij onbekommerd leven te leiden. In 1935 schrijft hij nog vooral over zijn literaire stukken, zijn verliefdheden en naar welke radioconcerten hij zoal luistert. Langzaam dringen echter antisemitisme en de oorlog zijn dagboek binnen. Steeds vaker vinden er gruwelijke misdaden tegen Joden plaats. Antisemitisme is wijdverbreid en geaccepteerd in Roemenië; ook onder de elite én Sebastians vrienden, waaronder menig bekend Roemeen. Velen treden toe tot de IJzeren Garde. Met sommigen breekt Sebastian, met anderen niet. Tegelijkertijd blijft hij wel deel uitmaken van de intellectuele elite. Vanuit deze bijzondere positie als semi-buitenstaander biedt Sebastian ons in zijn dagboek een ontluisterende kijk in het Roemeense (intellectuele) leven van die tijd.
Het dagboek is daarmee een bijzonder en waardevol tijdsdocument, gedetailleerd én uniek. Tegelijkertijd blijft het een dagboek met óók beschrijvingen van alledaagse beslommeringen en met constateringen dat er eigenlijk weinig bijzonders te vertellen valt. Voor een lezer, die niet goed is ingevoerd in het Roemenië van rond de oorlog, vormt het dagboek (ruim 600 pagina’s) ondanks het bijgevoegde namenregister dan ook een behoorlijke kluif.
Saskia van de Mortel
[terug]