Saskia van den Mortel bespreekt Mevrouw de aanklager van Carla del Ponte en Chuck Sudetic en de documentaire Carla's List van Marcel Schüpbach.
Vorig jaar is de Zwitserse Carla del Ponte gestopt als hoofdaanklaagster bij het Joegoslavië-tribunaal en op dit moment is ze ambassadeur in Argentinië. De Zwitserse regering heeft liever niet dat ze politiek gevoelige uitspraken doet over haar periode als aanklaagster en heeft haar gevraagd te zwijgen. Del Pontes onlangs verschenen boek, Mevrouw de aanklager, zal voorlopig dus wel de enige manier zijn om van haarzelf te horen hoe ze terugkijkt op haar jaren bij het tribunaal. Daarnaast is er de documentaire Carla’s list.
In die documentaire volgt filmmaker Schűpbach Del Ponte in 2005, een voor het tribunaal cruciaal jaar. Op de lijst van 24 verdachten prijkt nog een aantal grote vissen, waar onder Mladić, Karadžić en Gotovina, maar de internationale gemeenschap dreigt met sluiting. Carla’s list laat zien hoe Del Ponte en haar medewerkers de hele wereld afreizen om verdachten achter de tralies te krijgen. Omdat het tribunaal zelf geen mensen kan arresteren, is het afhankelijk van de medewerking van anderen. Dat betekent dat Del Ponte voortdurend om medewerking moet bedelen. Politieke spelletjes schuwt ze daarbij niet. Dat is ook bittere noodzaak, want anders zouden er maar weinig verdachten in Den Haag verschijnen. Van veel kanten krijgt ze kritiek. De Servische regering denkt dat ze alleen maar Serviërs oppakt, de Bosnische en Kroatische regeringen zijn niet blij als ze hun oorlogshelden achter de tralies probeert te krijgen en ook de internationale gemeenschap vindt haar dikwijls een lastpak. Op een bepaald moment verzucht Del Ponte: “Niemand heeft nog een boodschap aan wat wij willen”.
Carla’s list biedt een kijk in het grauwe leven van de aanklaagster: regen in Den Haag, het tribunaal dat huist in kleine kantoortjes en schamel ingerichte vergaderzaaltjes, nauwelijks een privé-leven en jarenlang voordurend omringd door lijfwachten. In Mevrouw de aanklager geeft Del Ponte toe, dat vooral dat laatste haar leven op allerlei manieren heeft misvormd. De beschrijvingen van haar leven, maken haar wel mens. Del Ponte blijkt een voorliefde te hebben voor racen met snelle auto’s en kan niet zonder haar Louis Vuitton-tassen. Al maakt het belang dat ze aan materiële zaken hecht haar niet per se sympathiek. Tijdens een overnachting bij KFOR, dat toch voor haar veiligheid zorgt, beklaagt Del Ponte zich over het ontbreken van schoon beddengoed en het delen van de wasgelegenheid met twaalf anderen. Je zou denken dat ze voor hetere vuren heeft gestaan.
In boek en documentaire komt Del Ponte naar voren als een vrouw, die voor de duvel niet bang is; geen makkelijk mens. Ze blijft fanatiek ondanks de muro di gomma (Italiaans voor muur van rubber), een afwijzing die zo verpakt is, dat hij er niet uitziet als een afwijzing. Als persoon maakt dat haar misschien niet aangenaam, maar de lezer begrijpt wel waarom ze haar baan gekregen heeft. Del Ponte wil een bijdrage leveren aan het opheffen van de straffeloosheid van de machtigen der aarde. Bij het lezen van haar memoires komt alleen regelmatig de vraag op, of haar aanpak wel zo effectief is. Bovendien beklaagt Del Ponte zich niet alleen over onwillige politici en bestuurders, maar ook over haar eigen incapabele medewerkers, die zij zelf geacht werd aan te sturen. Ten aanzien van haar eigenaanpak toont ze heel wat minder reflectie.
Mevrouw de aanklager en Carla’s list geven een aardig inzicht in welke tegenwerkingen de hoofdaanklaagster kreeg en welke politieke spelletjes er gespeeld werden. Naarmate haar mandaat eindigt, vindt Del Ponte steeds meer dat ze gefaald heeft, zeker richting de slachtoffers. Maar aan het einde van Carla’s list staan er nog maar zes verdachten op de lijst en inmiddels is ook Karadžić opgepakt. Volledig gefaald heeft Del Ponte dus toch niet.
Saskia van den Mortel
terug naar Boekrecensies