Voetballen in de spookstad van Tsjernobyl

Het stadion van Strojtel Pripjat (foto: Gijs Freriks)

De succesvolle Amerikaans-Britse serie over Tsjernobyl heeft ervoor gezorgd dat de kernramp van 1986 opnieuw volop in de aandacht is komen te staan in Europa. De ontploffing betekende niet alleen het einde van de stad Pripjat, maar ook van de lokale voetbalclub Stroitel.

“Ik weet nog dat ik met de buurjongens in de tuin voetbalde. Ons werd verteld dat we snel naar binnen moesten komen en de ramen moesten sluiten. We begrepen niet wat er gebeurd was, maar we voelen nu allemaal de bitterheid die deze tragedie heeft opgeleverd. In onze harten zullen jullie altijd steun, begrip en zorg vinden. Ik hoop dat jullie weten dat we meeleven. Altijd.”

  • Door Gijs Freriks

Dynamo Kiev nodigt al decennialang ieder jaar kinderen uit die ziek zijn geworden door de kernramp van Tsjernobyl. Na een rondleiding in het stadion in Kyiv wordt er een praatje gehouden door de trainer en enkele spelers van de club. In april 2007 was het de beurt aan speler Aleksandr Sjovkovskyj. Met betraande ogen vertelde de doelman hoe hij de ramp had beleefd. Trainer Anatoli Demjanenko vulde aan: “De tragedie zit nog altijd in ons hart.”

Na de ramp werden de bijna 50.000 inwoners van Pripjat geëvacueerd. Velen kwamen in Kyiv terecht. Vandaar dat Dynamo ieder jaar stilstaat bij de ramp die zich op 26 april 1986 voltrok.

“Een week na de explosie vlogen we naar Frankrijk voor de finale van de Europacup II tegen Atlético Madrid. We wonnen met 3–0. Die zege was een cadeau voor het hele land”, aldus Demjanenko, die als linksback de aanvoerder was van Dynamo en later trainer werd van de hoofdstedelingen.

Stralingskinderen

De eerste 31 slachtoffers stierven al tijdens de kernramp aan stralingsziekte. Volgens Wereldgezondheidsorganisatie WHO zullen er uiteindelijk negenduizend inwoners van het gebied aan indirecte gevolgen van de radioactiviteit overlijden, voornamelijk aan vormen van kanker.

Ziekenhuizen verpleegden na de kernramp honderden baby’s met afwijkingen: waterhoofdjes, open ruggen, onvolgroeide ledematen, ontbrekende oogballen, extra benen. Kinderen van moeders die waren blootgesteld aan radioactieve straling en zo hun zoons en dochters hadden besmet. Nog altijd is de omgeving van Tsjernobyl besmet met verhoogde radioactiviteit en ligt er 200 ton nucleair afval in de reactor. Ter bescherming heeft het Nederlandse bedrijf Mammoet van Frans van Seumeren een ‘sarcofaag’ van 35.000 ton laten bouwen die in februari 2018 over de reactor werd geplaatst. Deze overkapping moet de omgeving en ook de naburige landen beschermen tegen het radioactieve puin dat eventueel vrij zou kunnen komen.

Maar wat gebeurde er nou eigenlijk in de nacht van die fatale lentedag in 1986? Reactor nummer vier van de Vladimir Lenin-kerncentrale bij het stadje Tsjernobyl was op het einde van z’n eerste brandcyclus en moest worden bijgevuld. Hierbij werd een serie tests met het noodkoelingssysteem uitgevoerd, maar dat ging mis. Het vermogen van de centrale daalde snel en dat bracht een kettingreactie teweeg: om 1:23:44 uur explodeerde de reactor waarbij dertig tot veertig keer meer ‘fall-out’ werd gegenereerd dan in Hiroshima en Nagasaki samen. Terwijl de inwoners sliepen, werden zij bedolven onder een deken van radioactiviteit. Die wolken dreven ook richting het noorden en richting Europa. Het meeste materiaal kwam terecht in een regio die nu in het noorden van Oekraïne en het zuiden van Wit-Rusland ligt.

Officieel om geen ‘paniek’ te zaaien, gingen de autoriteiten pas na 36 uur over tot evacuatie van de nabijgelegen steden en dorpen. West-Europa kreeg pas lucht van de ramp nadat radioactiviteitmeters in Zweden en Finland een ongewoon hoge meting hadden gedaan.

“Toen de meldingen uit Zweden kwamen, dachten we aan een incident met een kernonderzeeër”, blikte Pieter Winsemius in 2011 in gesprek met Vrij Nederland terug. Hij was toen de Nederlandse minister van Milieu. “Maar toen ook Finland verhoogde stralingen doorgaf, viel die mogelijkheid af. Wat was er in hemelsnaam aan de hand? Ik maakte me ongerust.” Op 29 april, drie dagen na de ramp, bevestigde een nieuwslezer van staatspersbureau TASS dat er ‘schade’ was aan een reactor in Tsjernobyl waarbij ‘slachtoffers’ waren gevallen.

De opkomst van de atomgrad-club

De kernramp van Tsjernobyl betekende ook het einde van Stroitel (‘bouwer’) Pripjat, de lokale voetbalclub. Pripjat was een levendig stadje dat was opgetrokken voor de arbeiders van de kerncentrale een aantal kilometer verderop. Zulke steden werden ook wel atomgrads genoemd. Pripjat stond bekend als een ‘stad van de toekomst’ en won prijzen voor de beste architectuur. Bijna alle inwoners werkten in of voor de centrale.

De voetbalvereniging werd halverwege de jaren zeventig opgericht. Omdat er in de centrale 24 uur per dag in ploegendiensten gewerkt werd, was het onmogelijk om te bouwen aan een vast elftal. Daarom werden er veel spelers weggehaald bij Chistohalivka, een club op vier kilometer ten zuiden van Pripjat die bekend stond als een van de beste teams uit de regio.

Wat begon als een amateurploeg die enkel voetbalde voor afleiding en ontspanning, groeide uit tot een club met ambitie. Stroitel betaalde beter dan naburige teams en haalde onder anderen Stanislav Gontsjarenko naar de club. Hij speelde in de jeugd bij Temp Kyiv en maakte op negentienjarige leeftijd de overstap van Spartak Kyiv naar Stroitel. Gontsjarenko werd beschouwd als een van de grootste talenten van de Sovjet-Unie en bleef twee seizoenen bij Stroitel. Hij ging in 1982 verder bij Zvezda Kirovograd en zette niet veel later vanwege een knieblessure noodgedwongen een punt achter zijn carrière. Gontsjarenko groeide daarna uit tot een van de succesvolste zaalvoetbaltrainers ooit van Oekraïne, want hij pakte landstitels, haalde de halve finale van het WK in 1996 en bereikte in 2001 de finale van het EK.

Tijdens de training van Mashinostroitel landde er een helikopter op het trainingsveld. Mannen in beschermende kleding stapten uit

Gontsjarenko was niet de enige grote naam die naar de vijfdeklasser vertrok. De Sneeuwvlokken legden Anatolyi Sjepel vast als trainer. Hij was aanvaller geweest bij Odessa, Dynamo Kyiv en Dynamo Moskou en speelde één interland voor de Sovjet-Unie. De investeringen pakten goed uit, want Stroitel promoveerde twee keer en wilde vervolgens de stap maken naar het tweede niveau van de Sovjet-Unie. Om die ambities kracht bij te zetten, liet Stroitel een stadion bouwen.

Het Avangardstadion met 5.000 kuipstoeltjes zou op de Dag van de Arbeid officieel worden geopend met een bekerwedstrijd tussen Stroitel en Mashinostroitel uit Borodianka, een nederzetting bij Kyiv. Maar tijdens de afsluitende training van Mashinostroitel landde er een helikopter op het trainingsveld. Mannen in beschermende kleding stapten uit.

Deze gasten lieten coach Viktor Zjilin weten dat hij de training kon stilleggen en dat de wedstrijd niet zou doorgaan. Verdere uitleg kregen Zjilin en zijn spelers niet, maar later werd ook hen duidelijk dat er zich een ramp had voltrokken bij de kerncentrale nabij Pripjat.

Van modelstad tot spookstad

Een van de voetballers die de wedstrijd namens Stroitel had moeten spelen, is Aleksandr Visnjevskij. Hij woonde in een van de hostels bij de kerncentrale. Met een verslaggever van de krant Sovsport keerde Visnjevskij in het najaar van 2012 voor het eerst terug in Pripjat. Ook hij zag hoe deze voormalige ‘modelstad’ was verworden tot een spookstad. Van het stadion was weinig meer over: in de hoge zegge waren de resten van de kleine tribune te zien, stoeltjes waren de grond ingegroeid en op het speelveld stonden bomen.

“Ik wilde een dag voor de wedstrijd vanuit mijn dorp naar Tsjernobyl gaan. Ik zou in het hostel overnachten en de volgende dag de wedstrijd spelen. De bus kwam alleen niet opdagen. Toen ik op eigen houtje Tsjernobyl had bereikt, zag ik dat er een groot ongeluk was gebeurd”, zei Visnjevskij. “Of ik bang was? Nee, ook niet toen ik een colonne gepantserde brandweerauto’s en ambulances zag die op weg was naar de centrale. Niemand kon zich voorstellen wat er werkelijk gebeurd was…”

De bijna 50.000 inwoners van Pripjat werden in bussen geëvacueerd en naar sauna’s gebracht om zich te verschonen. Onderweg werd meerdere keren gestopt om de bus van een wasbeurt te voorzien. De autoriteiten verzekerden dat de inwoners na een dag of drie weer naar huis konden.

Ook Visnjevskij kreeg te horen dat hij de omgeving zo snel mogelijk moest verlaten: “Ik mocht alleen de meest noodzakelijke dingen meenemen. Ik demonteerde mijn motorfiets voor de reserveonderdelen en wilde mijn voetbalkleding en voetbalschoenen in het hostel ophalen. De stad was echter al compleet geplunderd: mijn kleding en schoenen waren gestolen. Ik had echte schoenen van Adidas. Met een foto van Paul Breitner op de tong (…) De mensen konden niet geloven dat ze hun huizen moesten verlaten en konden het niet aanzien dat hun vee werd afgevoerd. Het was onmogelijk je voor te stellen dat je je huis voor altijd moest verlaten, zeker voor de ouderen die er al hun hele leven woonden. Velen van hen zijn later teruggekeerd, ondanks het verbod. Ze worden de zelfkolonisten genoemd.”

Brieven aan het verleden

Sinds 2011 is het eerder zo hermetisch afgesloten gebied rond Tsjernobyl opengesteld voor toeristen. Fans van Call of Duty zullen het stilstaande reuzenrad misschien wel herkennen. Dat is namelijk een beroemd gevechtsdecor in de game Modern Warfare Remastered. Toeristen laten zich graag bij dit verroeste reuzenrad fotograferen en ook de met gras overwoekerde botsautootjes en schommelbootjes zorgen voor een al even macaber als intrigerend decor.

In tegenstelling tot naburige dorpjes als Zalesje en Kopachi werd Pripjat niet door bulldozers onder de grond begraven. De enige sporen van deze met de grond gelijk gemaakte dorpen — meer dan 75 in totaal — geven de in Pripjat opgestelde wegwijsbordjes die hun naam dragen met daardoor een grote diagonale rode streep. Hiernaast kunnen bezoekers in een brievenbus op het plein een brief stoppen die is bedoeld voor een adres dat niet meer bestaat. ‘Brieven aan het verleden’, schreef Sovsport daarover.

Alleen in het stadion

“Een paar dagen nadat ik was geëvacueerd naar Kyiv, las ik in de krant dat Stroitel tegen Voskhodom (zonsopkomst, red.) uit Kyiv zou spelen. Ik wilde bij die wedstrijd zijn. Ik was nog altijd niet volledig op de hoogte van wat er gebeurd was en dus ging ik gewoon naar het stadion, dat zich op de linkeroever van de Dnjepr bevond, in de regio Darnytsia. Toen dacht ik: ‘heb ik misschien iets gemist?’ Want ik was de enige bij het stadion. Er was niemand anders, er was niemand bij de poort en de kalklijnen waren ook niet op het gras aangebracht”, aldus Visnjevskij.

(foto: Gijs Freriks)

Na de kernramp bleef Stroitel nog wel bestaan als voetbalclub, maar dan als Stroitel Slavutych. Slavutych was een stad die na de kernramp werd gebouwd om de inwoners van Pripjat een nieuw thuis te geven. De stad kon gebouwd worden omdat acht verschillende Sovjetrepublieken ieder een wijk ontwierpen en bouwden.

Veel mensen keerden echter niet terug, ook Visnjevskij niet. Hij bleef in de buurt van Kyiv. “Er was geen toekomst meer. Het was voor mij niet mogelijk om terug te keren naar mijn vertrouwde dorp en ook de voetbalclub werd opgeheven.” Slavutych speelde sinds 1986 nog enkele wedstrijden tegen clubs uit de voorsteden van Kyiv Vyshgorod, maar in 1988 was het definitief einde verhaal.

Visnjevskij werkte tijdens zijn voetbalperiode bij Stroitel op de ‘afdeling bouwbeheer’ in de kerncentrale en ging later aan de slag als dosimetrist, een zorgdeskundige die gespecialiseerd is in de planning en berekening van de geschikte stralingsdosis bij patiënten. Tegenwoordig is hij actief in een sportschool in Kyiv en coacht hij een voetbalteam dat meedoet aan de competitie van de regio Chernihiv.

Hij betreurt nog altijd dat de wedstrijd in de halve finale van de Beker van Kyiv op die bewuste dag van 27 april 1986 niet kon doorgaan. Hij had graag in het Avangardstadion-gespeeld, zo vertelde hij aan Sovsport: “Maar er was geen tijd meer voor…”

Toch speelden Stroitel en Mashinostroitel nog één keer tegen elkaar, want op 27 april 2006 werd er in de hoofdstad een soort herdenkingswedstrijd afgewerkt. De voetballers die nog in leven en niet te ziek waren, maakten hun opwachting, zo ook Visnjevskij. De opbrengst van de wedstrijd ging naar de slachtoffers van de kernramp. Stroitel won met 3–2.

Over Gijs Freriks 1 Artikel
Gijs Freriks (1993) is journalist. Hij studeerde in 2016 af aan Hogeschool Windesheim in Zwolle en was jarenlang voetbalverslaggever, bij achtereenvolgens Goal en Voetbalzone. Gijs’ specialisme is het Oost-Europese voetbal, maar ook de politieke ontwikkelingen in Rusland, Oekraïne en andere Euraziatische landen volgt hij op de voet. Gijs studeert de Russische taal en is sinds januari verbonden aan een uitgever voor vakbladen in de B2B-markt.