Zing je verzet

Het Sloveense koor Kombinat op de trappen van de universiteit van Belgrado (foto: Joost van Egmond)

Een oude traditie van protestliederen slaat aan bij een jongere generatie  in voormalig Joegoslavië. Tal van koren proberen op artistieke wijze gevoelige thema’s op de agenda te krijgen. Afgelopen weekeinde kwamen ze in Belgrado bijeen voor een festival: ‘Zingen bleek voor ons de meest acceptabele methode om ons geluid te laten horen.’

  • Door Joost van Egmond

De beweegredenen lopen ver uiteen; Kombinat uit Slovenië zingt revolutionaire liederen om de onderklasse te steunen; twee lesbisch-feministische koren willen het taboe op hun seksuele geaardheid doorbreken; het Macedonische koor Raspeani Skopjani wil de absurditeit van de politiek in hun land aankaarten. Wat ze verenigt is dat ze zingen wat moeilijk gezegd kan worden.

Muzikale guerrilla

‘Dit is het enige succesvolle communicatiemiddel’, zegt Ivana Dragšić van Raspeani Skopjani. ‘Alles in Macedonië is gepolariseerd. Wat je ook zegt, je krijgt direct een etiket opgeplakt. Twee jaar geleden demonstreerden we tegen nieuwbouwprojecten in de hoofdstad en we werden door tegendemonstranten uiteengeslagen. Toen kwam één van ons op het idee om maar te gaan zingen. Het oogt naief en onschuldig.’

Raspeani Skopjani voert een muzikale guerrilla. Elke zaterdag verschijnen ze zonder aankondiging ergens in de Macedonische hoofdstad Skopje. Ze zingen een liedje dat inhaakt op de actualiteit en drie minuten later zijn ze weg. Vaak zijn dat Joegoslavische klassiekers, maar het reportoire is breder. Een plan om bomen te kappen bezongen ze met Monty Python’s ‘Lumberjack song’. Toen de Macedonisch Orthodoxe Kerk besloot zijn topfunctionarissen een Mercedes te geven, bracht het koor ‘Oh Lord, won’t you buy me a Mercedes Benz’ van Janis Joplin.

‘Dat is onze grootste hit op Youtube’, zegt Dragšić grijnzend. ‘Een televisiepresentator, zeg maar de Glenn Beck (van het Amerikaanse Fox News, red) van Macedonië, besteedde aandacht aan dat optreden en noemde het blasfemie. Het werd een grote rel.’

Zingen mag dan minder gevaarlijk zijn dan demonstreren, of het ook veilig is, daar kom je alleen achter door het te doen. Dat blijft spannend en onzeker. Ook de arrestatie van Ratko Mladić enkele dagen voor het optreden in Belgrado gooit roet in het eten. Kan een straatoptreden van het koor uit Skopje wel doorgaan als diezelfde dag een pro-Mladić demonstratie wordt gehouden? Ze wagen het erop en het is een doorslaand succes. Op de plek waar enkele dagen eerder een groep jongeren leuzen scandeerden die de genocide van Srebrenica verheerlijken, zongen ze ‘Why can’t we be friends?’. ‘Schitterend’, zegt de kaalgeschoren verkoper van parafernalia met Servische vlaggen die naast het optreden stond. ‘Dit zou vaker moeten gebeuren.’

‘We hebben een omaatje aan het huilen gekregen, hoewel ik niet denk dat ze wist wie we zijn’

Het lesbisch-feministische koor Le Hor uit Belgrado trad zaterdag tijdens het festival voor het eerst op buiten bekende kring, in een stadspark. Homoseksualiteit is in Servië niet bespreekbaar, wat nog eens werd onderstreept door grootschalige rellen vorig jaar toen er een Gay Pride Parade werd georganiseerd. Duizenden homohaters probeerden de mars te voorkomen en richtten een slagveld aan in Belgrado.

De opluchting over de goede afloop van het concert is dan ook groot bij Le Hor: ‘We hebben een omaatje aan het huilen gekregen’, zegt Bojana Rouvić, ‘hoewel ik niet denk dat ze wist wie we zijn.’

‘We hadden een regenboogvlag achter ons hangen’, zegt koorgenoot Ksenija Forca droog. Ze vindt het erg moeilijk de gevaren in te schatten. ‘Ik denk wel dat het veilig is. Sommige mensen zouden er echt niet voor terugdeinzen om een stel zingende lesbiennes in elkaar te slaan, maar ons repertoire is vrij cryptisch. We geven het een onschuldige draai, we verwarren mensen.’

Monty Python

Raspeani Skopjani wil zich niet te veel bezighouden met de veiligheid. De vice-premier van Macedonië noemde hun acties laatst staatsgevaarlijk: ‘Het toont aan dat we wat bereiken’, zegt Iva Galevska met spottende trots.

‘Soms krijgen we wel eens commentaren in de trant van ‘jullie staan daar mooi op een rijtje om beschoten te worden’, maar ik maak me er niet heel druk om. We zien het wel’, zegt Dragsic. Zij krijgt wel een kick van de subtiele provocaties. ‘Het is hoe dan ook volstrekt Monty Python in ons land. Een paar keer probeerden mensen ons in een hoek te drukken door oppositievlaggen mee te nemen naar een optreden. Sindsdien dragen we zelf alle mogelijke vlaggen met ons mee, inclusief die van de regeringspartij. Als zij Monty Python willen, trekken wij het tot het einde door.’

Provoceren hoort er soms bij, maar is nooit een doel op zich. De koren zijn bepaald geen één-dimensionale groepjes. Horkestar uit Servië, de ‘moeder’ van deze generatie protestkoren in de regio, is inmiddels een vaste waarde in de cultuurscene van Belgrado. Het orkest schrijft veel eigen werk en trekt volle zalen. ‘In het begin waren we behoorlijk politiek’, zegt Nevena Paunovic van Horkestar. ‘Vlak na de val van Milosevic trad het koor op in overalls, om eraan te herinneren dat het land opnieuw moest worden opgebouwd. Maar we zijn meer de artistieke richting opgegaan. Altijd betrokken, maar niet per se activistisch.’

Een ongelooflijke kracht

Dat is ook de boodschap van Kombinat, een vrouwenkoor uit Slovenië. Ondanks de hamer en sikkel op hun rode T-shirts willen ze zich ver houden van pure politiek. ‘We willen steun geven aan mensen die het moeilijk hebben, van alleenstaande moeders tot immigranten die in de bouw werken’, zegt Vida Celigoj. ‘Liedjes hebben een ongelooflijke kracht. Het is vaak het eerste waar mensen zich aan vastgrijpen als ze het moeilijk hebben.’

'Koren maken herinneringen mogelijk'
Wat moet een Servische conservatieve patriot vinden van een Kroatisch lesbisch koor dat anti-fascistische partizanenliedjes zingt? Het korenfestival in Belgrado is verwarrend voor wie hecht aan een simplistisch wereldbeeld. ‘Ze brengen een intelligente en gelaagde boodschap’, zegt Tanja Petrović. Zij is onderzoeker aan de Sloveense Academie voor Wetenschappen en Kunsten en verdiept zich in de protestkoren van voormalig Joegoslavië.

‘Zulke koren zie je wereldwijd, maar in voormalig Joegoslavië hebben ze een heel speciale functie. Hun gebruik van liedjes uit de Joegoslavische tijd breekt het taboe op herinneringen die smalend als ‘Joego-nostalgie’ worden afgedaan.’ Het Sloveense Kombinat specialiseert zich in dergelijke herinneringen aan de tijd van Tito, maar ieder koor heeft wel een paar liedjes uit de Joegoslavische tijd in zijn repertoire.

Dat is veelzeggend, zegt Petrović. ‘Al deze groepen hebben hun eigen actualiteit en agenda. Maar wat ze zingen komt vaak overeen. Ze helpen herinneringen mogelijk maken. In die zin zijn hun optredens misschien wel belangrijker dan ze zelf beseffen. ‘Een groep als Horkestar was essentieel voor de normalisatie van de verhoudingen tussen Servië en Kroatië tien jaar geleden. Als eerste Servische groep gingen ze naar Kroatië, ze gebruiken teksten van Kroatische dichters. Voor hen was dat normaal, maar het was een doorbraak.’

Kombinats repertoire is rebels en revolutionair. Verzetsliedjes uit de Spaanse burgeroorlog en vooral van de communistische partizanen in Joegoslavië tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Dat werkt ontwapenend in voormalig Joegoslavië. Als ze in hartje Belgrado zingen ‘wij zijn de Sloveense brigade’ is het alsof je terugreist in de tijd. Een oudere voorbijganger kijkt met grote ogen en mompelt de tekst mee. ‘Prachtig, hier ben ik mee opgegroeid.’

Bovenal werkt het zingen bevrijdend voor de zangers zelf. Ksenija Forca van Le Hor. ‘We willen hiermee over ons trauma heenkomen.’ Voorlopig veranderen we in de eerste plaats onszelf.’

Deze reportage verscheen op 4 juni 2011 in dagblad Trouw/de Verdieping
Over Joost van Egmond 39 Artikelen
Joost van Egmond is journalist. Hij publiceerde ondermeer bij de NOS, Trouw, Time magazine, Nieuwsuur, Vrij Nederland, de Groene Amsterdammer en Bloomberg. Joost woonde en werkte in Belgrado van 2010 tot 2015. Hij begrijpt nogal veel van wat zich afspeelt in Zuid-Oost-Europa en treedt geregeld op als balkandeskundige. Schreef het hoofdstuk over Joegoslavië en Albanië voor Het Oostblokbloek (Nieuw Amsterdam 2014) Sinds 2016 is Joost hoofdredacteur van Donau.