Heroïek en patriottisme in Wit-Russisch oorlogsmuseum

Dit jaar is het op de kop af 75 jaar geleden dat Nazi Duitsland de Sovjet-Unie binnenviel. Vooral Wit-Rusland leed zwaar onder de oorlog en de Duitse bezetting. Bijna de gehele Joodse bevolking van Wit-Rusland werd vermoord. In totaal kwam één derde van de Wit-Russische bevolking om tijdens de Duitse bezetting. Het imposante complex van ‘Het Witrussisch staatsmuseum voor de geschiedenis van de Grote Patriottische Oorlog’ in de hoofdstad Minsk haalt alles uit de kast om te zorgen dat niemand de oorlog, het heroïsche verzet en de uiteindelijke overwinning van de Sovjets zal vergeten.

CBCA5DB8-DDD7-4918-B9C4-FD8DFCF75917In oktober 1944, toen de kruitdampen van de Tweede Wereldoorlog in Minsk amper waren opgetrokken en de stad van de Nazi’s was bevrijd, werd het museum al opgericht. In de hoogste regionen van de Communistische partij was enige weken voor de bevrijding een resolutie aangenomen die de oprichting goedkeurde. De partizaanse brigades,  ondergrondse Wit-Russische verzetsgroepen, die nog hevig streden voor hun vaderland, werden via radiogrammen nadrukkelijk verzocht om materiaal voor het museum veilig te stellen. In minder dan een jaar werden tienduizend items verzameld ten behoeve van de museumcollectie.

Door Michiel van Herpen

Michiel van Herpen is historicus en freelance journalist. Zijn specialisme is Oost-Europa en de voormalige Sovjet-Unie. In 2015 reisde hij naar Bosnië om een korte documentaire te maken over een gezin dat twintig jaar na de Bosnische oorlog een nieuw leven probeert op te bouwen. Deze korte documentaire is te zien via verspers. Op deze site staan ook andere artikelen van Michiel. Meer over Michiel op LinkedIn. Hij is ook te volgen op twitter.

Het museum was in de eerste zeventig jaar van haar bestaan in drie gebouwen gehuisvest. In 2010 legde president Loekasjenko de eerste steen van het huidige museum. Daarbij is een capsule in de grond begraven met een boodschap voor de toekomstige generatie. Wat deze boodschap inhoudt, blijft vooralsnog onbekend.

Op 2 juli 2014, precies zeventig jaar na de bevrijding van Minsk, opende Loekasjenko samen met de Russische president Vladimir Poetin het vernieuwde oorlogsmuseum. Bij de opening noemde Loekasjenko de belangrijke functie die het museum heeft om het patriotisme en de nationale cultuur van Wit-Rusland naar de buitenwereld uit te dragen.

Het imposante complex van 4200 vierkante meter herbergt elf expositieruimtes waarin 8000 stukken zijn tentoongesteld. Onder andere foto’s, officiële documenten en persoonlijke eigendommen van soldaten, burgers en ondergrondse verzetsmensen maken deel uit van de collectie.

Collectie

In de eerste expositiehal wordt de wereld voor de Tweede Wereldoorlog en het politieke, economische en sociale klimaat dat uiteindelijk tot de Tweede Wereldoorlog leidde,  geschetst. Een enigszins eenzijdige kijk op de geschiedenis. Zo wordt wel aandacht gegeven aan de opkomst van het fascisme en nazisme, maar wordt de collaboratie tussen Hitler en Stalin (en de desastreuze gevolgen voor Polen en de Baltische staten) niet genoemd.

EDC7F0AD-FE18-4A89-B770-8C761B3E2D3CIn de tweede hal, veruit de, is plaats gemaakt voor expositie van het wapentuig van het Rode Leger. Trucks, jeeps, tanks en complete vliegtuigen zijn te bezichtigen. In de brochure van het museum kan men lezen dat het Rode Leger zijn wapens dankzij de Sovjetindustrie verbeterde en door technische superioriteit uiteindelijk als overwinnaar van de bloedigste oorlog van de twintigste eeuw kon worden gehuldigd. Hier lijkt de museumdirectie vooral zijn eigen geschiedenis te willen vertellen, aangezien niet technische superioriteit bij de Russen doorslaggevend was voor de eindoverwinning. Die superioriteit lag, zeker bij aanvang van de Tweede Wereldoorlog, bij de Nazi’s. Door hun technische superioriteit en Blitzkrieg-tactieken liep de Duitse Wehrmacht Wit-Rusland onder de voet. Maar Hitler vergiste zich in de taaiheid van zijn tegenstander. Het Rode Leger werd door Stalin gedwongen om tot het bittere einde te strijden. Stalin hanteerde daarnaast de tactiek van de ‘verschroeide aarde’. Er mocht voor de vijand geen wagon, geen brood en geen liter olie overblijven. Daarnaast hadden de Duitsers logistieke problemen om hun troepen te bevoorraden door het onontwikkelde wegennet in de Sovjet-Unie en hadden zij, net als Napoleon ruim honderd jaar eerder, geen rekening gehouden met de Russische winter. Om maar nog te zwijgen over Hitler ’s strategische fouten die de Russen weer in het zadel hielpen.

Niettemin, het museum slaagt er in om de bezoeker visueel te boeien: in de vierde hal is een panoramisch en holografisch theater te zien van de ‘heroïsche,’ verdediging van de forten van de Wit-Russische steden Brest en Minsk. In de zevende hal is een partizanenkamp gereconstrueerd, inclusief originele wapens en keukengerei.

In de vijfde hal is ruimte gemaakt voor het aandeel dat de burgerbevolking van de Sovjet-Unie had door het steunen van hun soldaten. Het toont onder andere de rol die de legerpers innam (door middel van het verspreiden van kranten en folders) om het omslagpunt in de oorlog te bereiken. Geheel in Sovjetstijl wordt vooral de heroïsche strijd van de Sovjetburgers keer op keer benadrukt. Gelukkig laat het museum ook een meer realistisch beeld zien van de verschrikkingen van de oorlog. De 260 dodenkampen in Wit-Rusland passeren de revue, een nagebouwde martelkamer waarin originele handboeien, zwepen en een hemd van een partizaanse verzetsheld zijn tentoongesteld, persoonlijke brieven van soldaten en cadeautjes die zij ontvingen van het thuisfront maken indruk.

A59740D2-8226-4096-BAF7-C6908E1AD29CIn de laatste hallen van het museum komt de nadruk op ‘heroïsme’ weer terug. Zij laten bijvoorbeeld zien dat dankzij het heroïsche werk van Wit-Russische arbeiders in 1945 zelfs 15 procent meer werd geproduceerd dan in vooroorlogse tijden. Ook wordt niet nagelaten om te vertellen dat in de eerste dagen na de bevrijding bruggen, voertuigen en spoorwegen werden gerestaureerd. Het bezoek eindigt in de ‘overwinningshal’, een grote ruimte met ronde muren waarin in goud meer dan tweeduizend namen van gevallen helden zijn gegraveerd. Een herdenkingsruimte die je in meer ex-Sovjetstaten ziet. De hal wordt ook gebruikt bij plechtige gelegenheden, zoals bij de eedaflegging van jonge soldaten en het bevorderen van militairen.

Heroïsche verering zonder zelfkritiek

De Westerse bezoeker van dit museum kan deze grenzeloze heroïsche verering mogelijk moeilijk begrijpen. We moeten deze verering in het licht zien van de propagandistische (ex)Sovjet politiek waarin de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog vaak nog steeds op een eenzijdige manier wordt verteld, namelijk vanuit het heroïsche perspectief van de Sovjet-Unie waar nauwelijks plaats is voor zelfkritiek. Tijdens de rede die Loekasjenko hield bij de opening van het museum werd dit eens te meer duidelijk. Hij geeft aan dat Wit-Rusland valse geschiedschrijving altijd heeft gehekeld en hij zegt dat historici, die verraders als helden portretteren en bezetters bevrijders noemen, door het Wit-Russische volk worden veracht. Mogelijk doelt hij op sommige historici die negatief schrijven over de aanwezigheid van de Sovjet-soldaten in bijvoorbeeld de Baltische staten in de Tweede Wereldoorlog. In die zin dat de Sovjet-Unie als bezetter wordt neergezet, terwijl een groot deel van de Russen van mening zijn dat zij het Baltische volk juist hebben beschermd tegen het fascisme van de Nazi’s en derhalve als helden moeten worden geëerd.

De Wit-Russische president vindt dat de Wit-Russen de hele mensheid hebben bevrijd van de Nazi’s. “Het was de nederlaag van de Nazi’s aan het Oostfront die het verloop van de Tweede Wereldoorlog en de wereldorde na deze oorlog heeft bepaald”, aldus Loekasjenko. Tevens maakt hij een lange neus naar het Westen door op te merken dat er geen sprake was van “laf verraad” in Sovjet-Wit-Rusland, in tegenstelling tot een aantal Westerse landen die zich volgens hem aan fascisten hadden overgegeven zonder weerstand te bieden.

Loekasjenko heeft ook een eigen belang om de grote patriottistische oorlog te verdedigen: hij suggereert graag een continuïteit tussen de overwinnaars en hemzelf. In een hal die ‘nakomelingen van de overwinnaars van de grote oorlog’ heet, hangen, naast foto’s van belangrijke personen van het ministerie van Defensie, Binnenlandse Zaken en de KGB,  vier grote foto’s van hemzelf. Als je niet te zwaar tilt aan de propaganda van Loekasjenko en de eenzijdige geschiedschrijving dan is een bezoek aan dit museum de moeite waard.

F9D25F7A-1BDA-42F2-9AB9-3763FA6F0BDD