Hoe de Sloveense identiteit de geschiedenis overleeft

Most na Soci, een buurtdorpje van Kobarid (foto: Marjolein Koster).
Geschatte leestijd: 4 minuten

Marjolein Koster las Theo Toebosch’s Kobarid. Het dorp met te veel geschiedenis, een goed alternatief om Slovenië te leren kennen.

Omslag 'Kobarid. Het dorp met te veel geschiedenis'
Theo Toebosch, Kobarid. Het dorp met te veel geschiedenis (De Bezige Bij, 2023)
ISBN: 978 94 031 0012 8 (paperback 
368 blz, prijs 27,99 euro  

 

Voor wie in Nederland is opgegroeid, zijn landsgrenzen een gegeven. Of misschien zelfs grotendeels onzichtbaar, als je net als ik, pas ging reizen toen de Europese Unie dat al een stuk gemakkelijker had gemaakt. 

Recensie door Marjolein Koster

In Kobarid (spreek uit: Kobariet) weten mensen wel beter. Daar bepalen grenzen het leven van elke generatie weer op een andere manier. Met behulp van archieven en gesprekken met de bewoners zelf, schetst Theo Toebosch de geschiedenis van dit dorp in de Sloveense Soča-vallei. In slechts een eeuw tijd, stond Kobarid onder bestuur van het Oostenrijk-Hongaarse Rijk, de Italianen, nazi-Duitsland, de geallieerden en maarschalk Tito van Joegoslavië. Nu hebben de Slovenen het eindelijk zelf voor het zeggen. 

Een blauwgroene rivier en een beroemde dichter

Toebosch begint het boek met wat terughoudendheid richting Slovenië. Het bevestigt het (misschien al verouderde) stereotype dat het een ver, anders en Oost-Europees land is. Maar door deze houding neemt Toebosch de lezer mee in zijn verbazing, in zijn zoektocht. En hoe weifelend hij in het begin is, al snel wordt duidelijk dat Toebosch niet uit de Soča-vallei is weg te slaan. Iedereen die hier weleens geweest is, zal begrijpen waarom. Niet voor niets werd er ver voordat massatoerisme op gang kwam, al gesproken over dit prachtige gebied met haar heldere blauwgroene rivier. Maar voordat de vakantiegangers hun weg naar deze vredige oase zouden vinden, moest Kobarid eerst een geschiedenis met veel geweld doorstaan.

Via de geschiedenis van het dorp, leer je als lezer veel over de Sloveense cultuur. Als Toebosch schrijft over de Sloveense taal, die al ver voordat het een land werd, mensen verenigde en dat literatuur de enige plek was waar ze een eigen Sloveense wereld konden creëren, snap ik ineens een stuk beter waarom de dichter Prešeren zo’n belangrijke plek heeft gekregen op het centrale plein in de hoofdstad Ljubljana. Als Toebosch schrijft over de jonge feministen Marija Skrinjar en Karolina (Dragojila) Jarnević, die al halverwege 1800 streden voor de vrouwenzaken, klinkt het ineens veel logischer dat de gender pay gap in Slovenië een van de laagste in Europa is. En als ik leer over de wet uit 1869 die bepaalde dat elke lagere school een eigen tuin kreeg, als toevoeging op het onderwijs voor kinderen, begrijp ik waarom Slovenen zoveel waarde hechten aan verse groenten en fruit en zoveel van de natuur houden en gezond leven.

Smrt fašizmu – dood aan het fascisme

Het verhaal van Kobarid maakt duidelijk waarom Slovenen zichzelf niet als Oost-Europeanen zien en waarom wij dat ook niet zouden moeten doen. Slovenië ligt middenin Europa en is verweven met veel grote gebeurtenissen in de Europese geschiedenis. Zelfs in het dagboek van Mussolini komt Kobarid voorbij: “Die Slovenen konden hun vijandschap maar moeilijk verbergen, ze ondergingen ‘ons’ gelaten, in de veronderstelling dat ‘we’ slechts voorbijgangers en geen blijvers waren. Nee, ‘die Slovenen hielden nog niet van ons’.” De overheersing van het fascisme laat nog altijd een diepe wroeging achter bij de inwoners van Kobarid.

Dan weer mochten Slovenen niet hun eigen taal spreken, later werd hen verboden hun religie openlijk te uiten. Het boek laat zien dat je een identiteit niet kan opleggen. Heel even – 52 dagen – was er de ‘Republiek Kobarid’. Maar telkens weer bepaalde iemand anders hoe de toekomst voor de inwoners eruit moest zien. De geschiedenis van Kobarid laat ook zien dat de keuze voor bij welk land je wil horen, een ingewikkelde mix is van identiteit, taal, cultuur en geschiedenis. Maar soms is het ook simpelweg: waar ben ik economisch gezien beter af en behoud ik mijn afzetmarkt wel als de grenzen ineens anders getekend worden?

Overzicht vanaf de bergtoppen

In ieder geval één keer ben ik door Kobarid gereden, toen ik ging liften van Most na Soči naar Bovec, omdat het openbaar vervoer in de vallei erg weinig opties biedt. Maar het dorpsplein van Kobarid (zonder kastanjeboom, misschien wel het meest tragische moment in het boek, als deze wordt omgezaagd), is me niet bijzonder bijgebleven. Dat zal vanaf nu anders zijn. Kobarid heeft als ondertitel ‘Het dorp met te veel geschiedenis’ en daar is niets aan overdreven. Het duizelt soms van de namen van inwoners, hoteliers, priesters, dichters, historici, collaborateurs, partizanen, domabranci, van kolonels, bataljons, brigades, van dorpen steden en bergtoppen. Maar het gaat ook over de dromen en ambities van inwoners en hoewel hun levens beïnvloedt zijn door die geschiedenis, proef je tussen de regels door ook dat ondanks alles, het dagelijks leven doorgaat. 

Kobarid is een geschiedenisboek met voor de inwoners een goed einde. Al zullen er nog wat generaties nodig zijn om dat ook zo te voelen. Want als een dorp zo vaak van macht wisselt, zijn er ook telkens weer anderen die ervan profiteren of de dupe ervan zijn. Darko, die als tiener de Tweede Wereldoorlog heeft meegemaakt, die zowel onder de Italianen, de nazi’s als Joegoslavië heeft geleefd, zegt: “Dat is het probleem in Slovenië. Altijd weer is het de één tegen de ander. (…) Dat moet veranderen, want anders komen we hier in dit land niet verder.”

Toebosch sluit af met een persoonlijke noot over zijn ervaringen in Kobarid. Hij is de inwoners van het dorp met andere ogen gaan zien, ze zijn niet meer de Ander, ze zijn mensen met een naam, met levens zoals jij en ik. En uiteindelijk moet je daar zijn, op die bergtoppen staan, om de geschiedenis te voelen. Maar voorafgaand aan die reis, is het boek Kobarid een goed alternatief om Slovenië te leren kennen.

Avatar
Over Marjolein Koster 2 Artikelen
Marjolein Koster (1990) is freelance journalist en focust zich op de Westelijke Balkan. Na een tijdje in Bosnië te hebben gewoond reist ze nu heen en weer tussen Nederland en de regio om menselijke verhalen te maken over thema's als mensenrechten, politiek, feminisme, milieu en klimaat.