Van een schuldcomplex hebben de gewezen Oostbloklanden geen last. Anders dan in West-Europa zijn ze nog ongegeneerd trots op volk en vaderland. En dat wringt.
De Amerikaanse miljardair George Soros probeert van zijn geboorteland Hongarije een plek te maken ‘waarvandaan hij niet zou willen vluchten’. Dat neemt premier Orbán hem niet in dank af.
Stefan van der Poel zegt: “Hulde aan de Mari Alföldy die deze tekst zo prachtig heeft vertaald, hulde ook aan Van Gennep die met De gouden vlieger ook Kosztolányi’s laatste onvertaalde roman op de Nederlandse markt heeft gebracht.”
Wie 500 euro kan missen leeft niet op straat. Toch is dat de boete die Hongaarse daklozen boven het hoofd hangt als ze betrapt worden op ‘wonen in de openbare ruimte’.